RK Kerk en Pastorie

Locatie 16, Voorstraat 25

Voorgeschiedenis

De oude middeleeuwse kerk te Kockengen werd gebouwd eind vijftiende, begin zestiende eeuw. Resten van een oudere veertiende-eeuwse kerk zijn in het muurwerk bewaard gebleven.In 1852 werd de eerste pastoor aangesteld. Het ging om Josephus Wilhelmus van Bijlevelt (geb. 1816) destijds kapelaan te Schalkwijk. Al snel werd een begin gemaakt met het inrichten van de aangekochte paardenstal als noodkerk en het woonhuis als pastorie. Het woonhuis (Voorstraat 25) was toen al voorzien van de kamer met behangselschilderingen. De wandbespanningen waren in 1802 geschilderd door Hendrik van Barneveldt, in opdracht van de Bruyn Jansz. De schoorsteen is voorzien van stucdecoraties met symbolen die verwijzen naar de handel. In 1853 werden de grond en de panden overgedragen aan het nieuwe kerkbestuur. Ergens rond deze periode, na de omvorming van het woonhuis tot pastorie, werd waarschijnlijk de voorgevel van de pastorie opnieuw opgetrokken.

Huidige kerk

Inmiddels waren de nodige voorbereidingen getroffen voor de bouw van de huidige kerk. Er was een ontwerp gemaakt door de Utrechtse architect W.J. van Vogelpoel. Op 26 januari 1854 werd het werk aanbesteed. Laagste inschrijver was A. Dijkers uit Kockengen voor een bedrag van fl. 12.100,-. Begin februari ging de eerste spade in de grond. In maart werd de eerste steen gelegd. Op 23 augustus 1854 werd de nog onvoltooide kerk in gebruik genomen. De inwijding vond plaats op 15 december 1854. De kerk werd toegewijd aan Onze Lieve Vrouw ten Hemelopneming net zoals de oude middeleeuwse kerk. Op 11 maart 1855 werd Kockengen
een parochie. Rond 1960 werden een doopkapel, een Mariakapel en een portaal aan het gebouw toegevoegd.

Pastorie

De huidige pastorie kan niet alleen bogen op een gang die is voorzien van het prachtigste stucwerk, maar ook op een ontvangstkamer welke bijna geheel is bespannen met op textiel geschilderde voorstellingen die het dagelijks leven in Kockengen en omgeving verbeelden.
De schilderingen werden gemaakt in 1802 door de Utrechtse schilder Hendrik van Barneveldt, in opdracht van de toenmalige eigenaar van het pand: de rijke koopman Martinus de Bruyn Jansz. Op de schilderingen is het dorp Kockengen te zien, zoals dat er in 1802 uitzag, maar dan geïdealiseerd: de polders, het boerenland, herberg de Swaan en de havens (verwijzend naar de handelsactiviteiten van De Bruyn). Deze voorstellingen worden aangevuld met fantasievoorstellingen zoals een tempeltje. Vanwege de impressies van het dorp Kockengen zijn de schilderingen een relatieve zeldzaamheid in de wereld van het antieke behang en daarom van groot lokaal belang. Daarnaast zijn de schilderingen van nationaal belang (Collectie Nederland). Complete wandbespanningen zijn zeldzaam. Dat geldt zeker voor wandbespanningen die nog op de oorspronkelijk plek aanwezig zijn. Bovendien zijn de schilderingen van hoge kwaliteit en gaat het hier (ten dele) om quasi-realistische voorstellingen, zeldzaam bij behangselschilderingen, waar juist vaak fantasielandschappen worden uitgebeeld.

 

Terug naar overzicht